Iedere Vlaming moet in de nabijheid van zijn woonplaats een huisdokter kunnen consulteren

Publicatiedatum

Auteur

Maaike De Rudder

Deel dit artikel

Veel gemeenten in België hebben momenteel te kampen met een tekort aan huisartsen, terwijl er in totaal eigenlijk wel genoeg huisartsen zijn.

De reden hiervoor is te zoeken in het feit dat er een versnippering is van het artsenaanbod en tegelijkertijd is het aantal consultaties gestegen en vullen instromende huisartsen niet genoeg de huisartsen op die met pensioen gaan. Het aantal huisartsen in opleiding is nu gelukkig wel gestegen met 17 procent. Toch is dat niet genoeg om in 2030 het gat op te vullen van de huisartsen die met pensioen gaan. Een derde van de huisartsen is nu ouder dan 65. Ook de grote werkdruk en de hoeveelheid administratie zorgen ervoor dat sommige artsen stoppen en uit het beroep stappen.

Het is niet meer zo gemakkelijk als vroeger om een afspraak te krijgen bij de huisarts. In veel huisartsenpraktijken is het zo druk dat nieuwe patiënten niet meer langs kunnen komen. Wie een vaste huisarts heeft, moet soms dagen wachten om op consultatie te kunnen gaan. Het is een probleem dat vroeger vooral voorkwam in de grote steden, maar dat zich nu ook steeds meer in kleinere gemeenten laat voelen. Zo ook in het Waasland, waar er minder dan 90 actieve huisartsen zijn per 100.000 inwoners.

Vraag van Maaike De Rudder: wat doet de Vlaamse Regering nu al en wat kan ze nog doen om te zorgen dat iedere Vlaming in de nabijheid van zijn woonplaats een huisdokter kan consulteren?

Het huisartsentekort in Vlaanderen is een bekend probleem, maar het is tegelijk ook een complexe problematiek. 

Er is op het vlak van zorg en gezondheid ook veel veranderd de voorbije decennia. De zorgvraag van onze bevolking is sterk  toegenomen. Ik geef een cijfer: op 15 jaar tijd zijn er bijna 20 procent meer consultaties bij de huisartsen. Mensen leven langer, er zijn meer chronisch zieken, er zijn ook personen met verschillende chronische ziekten. Dat leidt tot complexere pathogenen. Een derde van de huisartsen is nu ouder dan 65 jaar. Dat is enorm. Veel oudere huisartsen gaan met pensioen. Het gaat vaak om mensen die solo werkten in eenpersoonspraktijken en die heel veel patiënten hebben en lange dagen deden. De instromende huisartsen vangen niet helemaal de capaciteit op van de vertrekkende huisartsen. De jongere huisartsen maken, gelukkig ook, de keuze voor een beter evenwicht tussen werk en gezin, zodat er minder lange dagen worden geklopt. Daarom werken veel huisartsenpraktijken ook met een patiëntenstop.

Ondertussen zitten we niet stil. We nemen een aantal concrete initiatieven. Ten eerste is de toegankelijkheid van de zorg een van de basisopdrachten van de huisartsenkringen. Die worden door ons financieel ondersteund. We ondersteunen en hebben ook overleg met Domus Medica, dat aan de hand van een aantal concrete voorbeelden gaat bekijken hoe huisartsenkringen kunnen anticiperen en een faciliterende rol kunnen spelen in de opvang van de problemen binnen de praktijkorganisaties.

Er is de renteloze lening van maximaal 35.000 euro. Daarbovenop is er nog de extra renteloze lening van 10.000 euro voor wie investeert in bijkomende ruimte of infrastructuur voor samenwerking met een praktijkondersteuner of praktijkverpleegkundige. Elke actieve huisarts in Vlaanderen en Brussel kan een jaarlijkse tegemoetkoming ontvangen in de loonkosten van minstens een derde voltijdse equivalent (vte) praktijkondersteuner of praktijkverpleegkundige. 

Nieuws

Niet alleen sensibiliseren, ook handhavingsmaatregelen nodig om de parkings in Oost-Vlaanderen te vrijwaren van zwerfvuil!

Zwerfvuil is een hardnekkig maatschappelijk probleem. Al jaren zoeken verschillende instanties in Vlaanderen oplossingen voor het zwerfvuil en sluikstort op de wegen. In de aanpak van zwerfvuil werkt het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) op een driesporenbeleid: sensibiliseren, verbaliseren en opruimen.

Cd&v wil van de Vlaamse Ardennen winnende regio maken

Wie aan de landelijke Vlaamse Ardennen denkt, denk aan de koers. En toch hangt de regio in de staart van het peloton wanneer het gaat over de verdeling van middelen vanuit Vlaanderen. In een nieuw plan voor de Vlaamse Ardennen, opgemaakt in samenwerking met burgemeesters en schepenen uit de regio, pleit Robrecht Bothuyne (ondervoorzitter cd&v, Vlaams parlementslid en eerste schepen in Kruisem) voor een eerlijkere verdeling van middelen. “Dit gaat over de centen uit het Gemeentefonds, maar evengoed over onderwijs, werkgelegenheid en mobiliteit. De regio Vlaamse Ardennen is onderbedeeld op heel wat vlakken en dat moet in de toekomst anders. Wie in onze regio woont, is evenveel waard als iemand die in Antwerpen woont.”

cd&v Meetjesland samen voor een beter openbaar vervoer

Samen met een delegatie van cd&v Meetjesland heb ik als Vlaams volksvertegenwoordiger aan de Voorzitter van de Vervoerregioraad, Bart Van Thuyne, gevraagd om opnieuw te onderhandelen met De Lijn over een aangepast en beter vervoersplan in de regio.