Tijdens de gemeenteraad van 29 juni werd een motie besproken over de geplande federale wetgeving rond woonstbetredingen bij uitgewezen vreemdelingen die een gevaar vormen voor de openbare orde of de nationale veiligheid. Namens cd&v Leuven lichtte gemeenteraadslid Karin Brouwers het standpunt van de fractie toe.

De cd&v-fractie begrijpt de bezorgdheden die leven bij middenveldorganisaties en vele burgers over de bescherming van fundamentele rechten. Een woonstbetreding grijpt immers diep in op het privéleven van betrokkenen en eventuele derden. Daarom zijn strikte wettelijke waarborgen essentieel.
Tegelijk mag een hiaat in de huidige wetgeving er niet toe leiden dat gevaarlijke uitgewezen vreemdelingen een effectieve terugkeer kunnen blijven tegenhouden door eenvoudigweg niet mee te werken. Volgens cd&v Leuven is het daarom verantwoord dat woonstbetredingen ook in Leuven mogelijk worden, op voorwaarde dat dit gebeurt binnen een strikt juridisch kader.
Het voorliggende wetsontwerp voorziet volgens de fractie in belangrijke garanties. Zo kan een woonstbetreding enkel plaatsvinden na voorafgaande machtiging door een onderzoeksrechter. Bovendien is de maatregel uitsluitend bedoeld voor uitgewezen vreemdelingen die door hun gedrag een gevaar vormen voor de openbare orde of de nationale veiligheid. Illegaal verblijf op zich of het louter bestaan van een strafrechtelijk feit volstaan daarvoor uitdrukkelijk niet.
Karin Brouwers verwees tijdens de gemeenteraad naar situaties waarin de maatregel volgens cd&v wel noodzakelijk kan zijn. Bijvoorbeeld bij personen die bekend zijn voor herhaaldelijke criminaliteit, zoals diefstallen, drugsdelicten of illegale wapendracht, maar die ondanks een uitwijzingsbevel elke medewerking aan hun terugkeer weigeren. Ook personen die door extremistisch of radicaal gedachtegoed een ernstige bedreiging vormen voor de nationale veiligheid kunnen onder de voorwaarden van de wet geviseerd worden.
Daarnaast bevat het wetsontwerp bijkomende waarborgen. Een woonstbetreding is slechts mogelijk wanneer geen andere maatregel doeltreffend blijkt, kan niet worden toegepast ten aanzien van minderjarigen en vereist dat de onderzoeksrechter steeds de belangen van eventuele minderjarigen en andere bewoners mee afweegt.
Volgens cd&v Leuven is de vergelijking met de Amerikaanse ICE-praktijken dan ook niet correct. Het wetsontwerp creëert geen aparte vreemdelingenpolitie. De uitvoering gebeurt door de reguliere politiediensten, eventueel bijgestaan door de Dienst Vreemdelingenzaken, onder toezicht en binnen de voorwaarden die de onderzoeksrechter oplegt.
De parlementaire bespreking van het wetsontwerp is momenteel volop aan de gang. cd&v Leuven vertrouwt erop dat het parlement de tekst verder grondig juridisch zal toetsen, onder meer aan de Grondwet en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
De Leuvense cd&v-fractie blijft achter de lijn van haar nationale partij staan: een strikt wettelijk kader voor woonstbetredingen, met maximale rechtsbescherming en respect voor de mensenrechten, maar tegelijk voldoende mogelijkheden om gevaarlijke uitgewezen vreemdelingen daadwerkelijk te laten terugkeren.
"Als deze wet uiteindelijk wordt goedgekeurd, verwachten wij ook dat Leuven de uitvoering ervan respecteert. De bescherming van onze inwoners tegen gevaarlijke personen die hier niet mogen blijven, is een fundamentele verantwoordelijkheid van de overheid", besluit Karin Brouwers.